Na ruim een decennium op de plank met nog te lezen boeken te hebben doorgebracht heb ik eindelijk deze bundeling van korte verhalen van H.E. Bates uitgelezen (verhalen uit de periode 1926-1961, uitgegeven in 1963, 486 pagina's). Het zijn briljante, sfeervolle verhalen met vaak een droevige "het geluk in het leven was dichtbij maar is me toch ontschoten"-gevoel. De interesse voor deze schrijver is trouwens ruim voor de start van dit blog gewekt met het heerlijke Darling Buds of May (inclusief de BBC-verfilming daarvan).
Lang over doen ondanks de pracht is trouwens kennelijk wat ik doe met zijn verhalen...
Posts tonen met het label geluk. Alle posts tonen
Posts tonen met het label geluk. Alle posts tonen
zaterdag 4 augustus 2018
zaterdag 12 april 2014
553. Een mooie jonge vrouw
Boekenweekgeschenk 2014, geschreven door Tommy Wieringa (2014, 98 pagina's). Leest lekker, mooie zinnen, soms zelfs lange, maar zonder dat het voor een novelle noodzakelijke tempo verloren gaat; spannende scenes, met verleiding, lust, seks, wetenschap, de betekenis van lijden bij dieren. Misschien weinig originele gedachten, maar wel met overtuiging gebracht.
Verhaal is dat een man het aanlegt met een 15 jaar jongere vrouw. Het gaat lang goed, maar als na 7 jaar in de relatie een kind komt, gaat het snel minder met de relatie. Ouderdom en verval worden gevoeld. Vreemdgaan en vervreemding volgen, het eindigt met een in elk geval fysieke scheiding. Bijrol voor zwager en kind misschien niet helemaal door mij begrepen: spiegel voor de dadendrang van de man?
Verhaal is dat een man het aanlegt met een 15 jaar jongere vrouw. Het gaat lang goed, maar als na 7 jaar in de relatie een kind komt, gaat het snel minder met de relatie. Ouderdom en verval worden gevoeld. Vreemdgaan en vervreemding volgen, het eindigt met een in elk geval fysieke scheiding. Bijrol voor zwager en kind misschien niet helemaal door mij begrepen: spiegel voor de dadendrang van de man?
functioneel: een mooie, jonge vrouw
Labels:
21e eeuw,
boekenweekgeschenk,
geluk,
liefde,
literatuur,
novelle,
verdriet
zaterdag 11 augustus 2012
420. Ode aan het kijken
Klein boekje (100 pagina's) met grote ideeën over onder meer treurigheid, doorgangsplaatsen, werk, alleenstaande mannen en geluk. De inzichten van schrijver / filosoof Alain de Botton over de kunst van het leven zijn herkenbaar en prettig toegankelijk.
Wie kent niet het genoegen van de anonimiteit van wegrestaurants, stationsrestauraties, de HEMA bij het 1 euro ontbijt, hotellobby's? Plekken waar je mag zijn zonder dat er vragen worden gesteld over het waarom. Dat is bijvoorbeeld heel anders als je 's avonds laat in je eentje langs een kanaal loopt, zonder hond. Of in je eentje de dierentuin bezoekt en relatief lang bij bepaalde kooien blijft hangen. Of in een pak een boek leest in een sloopwijk.
Wie doet zich voor de liefde in het begin niet beter voor om de ander te paaien? Zonder te weten wat de ander beter vindt, dus met grote afbreukrisico's. Wie kent niet alleenstaande mannen? Mannen die het risico lopen hopeloos romantisch te worden, verliefd op elke vrouw met een vriendelijke blik jouw kant op, of zelfs dat niet eens. Mannen ook die richting het half-zwerverschap kunnen afzinken: wel nog een dak boven het hoofd, maar enigszins smoezelig. Struinend door de straten op zoek naar menselijk contact wat ze op straat niet zullen vinden. Troost zoekend in meer dan 3 Euroshopperbiertjes per dag, met uiteindelijk misschien wel fulltime zwerverschap.
Wie vraagt zich niet dolgedraaid aan het einde van de werkdag af waarom dit allemaal zo moet. Waarom is werk zo nadrukkelijk gekoppeld aan geluk en status? Zegt werk wel iets over iemand als persoon? Waarom werken niet meer mensen alleen voor het hebben van voldoende middelen om te leven en zoeken ze hun geluk buiten het werk (werk als noodzakelijk kwaad)? Falen houdt niet altijd een vernedering in; we ervaren alleen vernedering wanneer we onze trots en ons gevoel van eigenwaarde laten afhangen van een prestatie en deze vervolgens niet kunnen leveren. 'De economie kent de arbeider alleen maar als werkdier, als een tot de meest elementaire levensbehoefte teruggebracht stuk vee' (Marx).
Wie kent niet het genoegen van de anonimiteit van wegrestaurants, stationsrestauraties, de HEMA bij het 1 euro ontbijt, hotellobby's? Plekken waar je mag zijn zonder dat er vragen worden gesteld over het waarom. Dat is bijvoorbeeld heel anders als je 's avonds laat in je eentje langs een kanaal loopt, zonder hond. Of in je eentje de dierentuin bezoekt en relatief lang bij bepaalde kooien blijft hangen. Of in een pak een boek leest in een sloopwijk.
Wie doet zich voor de liefde in het begin niet beter voor om de ander te paaien? Zonder te weten wat de ander beter vindt, dus met grote afbreukrisico's. Wie kent niet alleenstaande mannen? Mannen die het risico lopen hopeloos romantisch te worden, verliefd op elke vrouw met een vriendelijke blik jouw kant op, of zelfs dat niet eens. Mannen ook die richting het half-zwerverschap kunnen afzinken: wel nog een dak boven het hoofd, maar enigszins smoezelig. Struinend door de straten op zoek naar menselijk contact wat ze op straat niet zullen vinden. Troost zoekend in meer dan 3 Euroshopperbiertjes per dag, met uiteindelijk misschien wel fulltime zwerverschap.
Wie vraagt zich niet dolgedraaid aan het einde van de werkdag af waarom dit allemaal zo moet. Waarom is werk zo nadrukkelijk gekoppeld aan geluk en status? Zegt werk wel iets over iemand als persoon? Waarom werken niet meer mensen alleen voor het hebben van voldoende middelen om te leven en zoeken ze hun geluk buiten het werk (werk als noodzakelijk kwaad)? Falen houdt niet altijd een vernedering in; we ervaren alleen vernedering wanneer we onze trots en ons gevoel van eigenwaarde laten afhangen van een prestatie en deze vervolgens niet kunnen leveren. 'De economie kent de arbeider alleen maar als werkdier, als een tot de meest elementaire levensbehoefte teruggebracht stuk vee' (Marx).
Abonneren op:
Posts (Atom)

